Vrijwilligers blikken terug op jaren Luttenbergsfeest

| 4 August 2013

Vaste vrijwilligers Lois en Theo over ‘hun’ Luttenbergs Feest

Geen enkel tentfeest kan zonder: de eigen vrijwilligers. Ook het Luttenbergs Feest heeft een groot aantal fanatiekelingen. Achter de tap, in de technische dienst, bij de kassa en de garderobes bekijken zij, broodnuchter, het feest door andere ogen. Oudgedienden Lois Oosterlaar (57) en Theo Olde Hensken (52) over hun ervaringen. ‘Binnen drie minuten stond hij in zijn onderbroek.’

‘Ik ben al vrijwilliger vanaf de eerste keer’, vertelt Lois. ‘Als ik het me goed herinner, was er een kermis voor Elckerlyc en bij Café de Schoenmaker stond een tent.  ’s Avonds was er een feestavond in Elckerlyc, waarvoor ik nog steeds vrijwilliger ben. DJ Ben Veldkamp draaide daar gratis. Vierhonderd man in de keet, een vrij groot succes.’ Theo: ‘We beginnen meestal vanaf maandag met het opbouwen. En dan zorgen dat je donderdag op tijd klaar bent. Lukt altijd. Met Puck, de beheerder van Elckerlyc, heb ik een vaste traditie. Dan drinken we op donderdag, vlak voordat het feest begint, het eerste biertje. Even controleren of het koud genoeg is.’

Het was de eerste jaren behelpen, zo herinnert Lois zich. ‘Nu beschikken ze over een grote container waar alle gereedschappen en materialen in liggen, toen hadden we dat niet. Ik weet nog dat we een gat moesten graven als afvoer voor de toiletwagen. Dat ging gewoon met de schop. Autobanden erin om te voorkomen dat het gat in zou zakken. Wij dachten dat dat wel goed zou gaan. Niet dus. Er stond een toiletwagen met twee wc’s bovenop en het gat zat binnen de kortste keren al weer vol.’

‘Als Normaal speelde, zetten wij de schotten van de tent vast met steigermateriaal. Anders bleef er niets overeind.’

Hij denkt met veel plezier terug aan de jaren dat Normaal het feest bezocht. “Daarmee hebben we taferelen meegemaakt. We liepen daar met drie groepjes van twee personen om de beveiliging te doen. Het ging altijd behoorlijk tekeer; regelmatig gingen ze door de vloer van de tent. Dus wij er dan met een grote plaat naartoe om dat gat dicht te maken. Tussen al dat springende volk door.’ Theo: ‘ En dan hadden ze de plaat eerder weer los gesloopt dan dat wij de tent uit waren. Man, dat ging tekeer! Ik zie nog een vent in driedelig pak de tent binnenlopen. Binnen drie minuten waren alle kleren hem van zijn lijf getrokken en stond hij in zijn onderbroek. Als Normaal speelde, zetten wij de schotten van de tent vast met steigermateriaal. Anders bleef er niets overeind.’

Natuurlijk zien ze ook veel dingen gebeuren die eigenlijk in het donker horen te blijven. Theo: ‘Bij Normaal lagen er ik weet niet hoeveel stelletjes in de bosjes. Maar we hebben bijvoorbeeld ook Herman Brood eens betrapt in het zoldergat van Elckerlyc. Die lag daar ook boven met een dame. En zijn drummer was helemaal van de planeet, zo stoned als een aap. Nadat hij gespeeld had, viel hij achterover van het podium en hij bleef daar maar gewoon liggen.’ Lois: ‘Ook leuk, de laatste ronde over het terrein. Dan kwamen we wel eens bezoekers tegen die in slaap waren gevallen. Emmer water er overheen en dan een half uur later nog eens kijken. Meestal waren ze dan wel weg. Als ze niet weg waren, hadden we pech.  Moesten wij ervoor zorgen dat ze naar huis kwamen.’

Natuurlijk hebben ze ook achter de  schermen veel hectische taferelen meegemaakt. ‘We hadden voor de eerste keer hele grote toiletunits gehuurd’, vertelt Theo. ‘Maar we hadden niet voldoende water en op de zaterdagavond, tijdens de Golden Earring, raakte alles verstopt. We hebben een fles koolzuur gekoppeld aan een waterslang en dat het riool ingespoten. Dat ging hartstikke mooi, dachten we. De volgende dag was er een crossloop bij Elckerlyc en wij moesten daar een podiumpje bouwen. Toen kwamen we erachter dat er een putdeksel omhoog was gekomen. De stront zat tot tegen de dakgoot.’

Het waren andere tijden, er kon meer. Het was ook die tijd dat het Luttenbergs Feest te boek stond als een groot zuipfeest. ‘Maar wat dat betreft, is het wel genormaliseerd’, zeggen de heren. Lois: ‘Vroeger werd dertig, veertig procent van het bier dat we vertapten, weggesmeten.’ De sfeer is echter nog altijd hetzelfde en natuurlijk wordt er nog flink ingenomen. Theo: ‘Het leukste is de zondagmiddag. Je ziet de oude lui met de wichter aan de hand naar het terrein lopen en ’s avonds lopen pappa en mamma aan de handen van de kinderen terug.’

Categorie: 1990 - 1999, Algemeen

Comments are closed.